Regels in de zorg: een veelkoppig monster

Fleur Otten

Regels in de zorg: een veelkoppig monster

Zorgverleners besteden gemiddeld een derde van hun tijd aan administratie. Hier en daar regels schrappen helpt niet, zeggen experts, het moet fundamenteel anders.

In het kort

Zorgverleners zijn tussen de 27% en 42% van hun tijd kwijt aan administratie.

Al decennia wordt geprobeerd de regeldruk in de zorg te verminderen, zonder veel succes.

Minder regels kan miljarden in de zorg besparen, maar alleen regels schrappen is niet genoeg.

Van elke vijf minuten bijhouden wat je hebt gedaan. Dat lijkt een even frustrerende als tijdrovende bezigheid. Toch is deze stopwatchzorg dagelijkse kost voor veel wijkverpleegkundigen. Zij zijn bijna 30% van hun tijd kwijt aan administratie en daarvan is de inmiddels beruchte vijfminutenregistratie een van de meest gehate taken. 

Opmerkelijk genoeg is deze registratieplicht al in 2009 door het kabinet-Balkenende IV afgeschaft. Desondanks constateerde minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge in 2018 dat de methode ‘onuitroeibaar’ lijkt. Hij beloofde er korte metten mee te maken in het kader van zijn actieplan tegen overbodige regels in de zorg. Een enquête in het najaar van 2019 was weinig hoopgevend: twee derde van de wijkverpleegkundigen zei de registratie nog te gebruiken. Maar volgens het ministerie zal in 2020 (nu echt!) een groot deel van de organisaties ervan afstappen.

Hoe dan ook: de vijfminutenregistratie is symbolisch voor hoe lastig het is regels in de zorg aan te pakken. ‘Ik blijf het ongelooflijk vinden’, zegt Jet Bussemaker die destijds als staatssecretaris van Volksgezondheid deze registratie afschafte. ‘En het is meer dan een vervelend ding. Het laat zien hoe moeilijk het is vertrouwen terug te geven en weer bezieling in het werk te leggen.' 

Ze wijst op de vele partijen die de zorg vragen verantwoording af te leggen. Niet alleen de overheid, zorgverzekeraars en toezichthouders, maar ook de instellingen zelf, beroepsverenigingen en patiënten. 'Dat maakt het moeilijk om dingen te veranderen. Bovendien hebben degenen die moeten veranderen er zelf meestal geen direct belang bij.’

 

Oud probleem

‘Het probleem speelt al zo lang’, zegt Kees Cools, hoogleraar corporate finance en governance aan de Universiteit van Tilburg. Hij doet onderzoek naar regeldruk in de zorg. ‘Al begin jaren 2000 verscheen het eerste rapport over de aanpak van regeldruk in de zorg. Sindsdien is er een hele rits aan rapporten en plannen van aanpak verschenen.'

‘We moeten vanaf nul, met een schone lei beginnen.
Niet kijken wat we kunnen schrappen, maar wat we echt nodig hebben’
Kees Cools, hoogleraar corporate finance en governance aan de Universiteit van Tilburg

Zo verscheen in 2002 het rapport Minder regels, meer zorg. ‘De aanpak van regeldruk voor bedrijven stond hoog op de agenda', zegt Jos de Beer die de onderzoekscommissie destijds leidde. 'Ook in de zorg werd in die tijd al steen en been geklaagd over regeldruk, dus toen was er de wens dit verder te onderzoeken.' De Beer, die nu directeur is van de vereniging van bestuurders in de zorg (NVZD), berekende dat uitvoering van (alleen al) overheidsregels de zorg toen €1 mrd kostte. Daar was 30% op te besparen door overbodige regels te schrappen. 'Er zijn daarna allerlei werkgroepen ingesteld en er werd ook wel actie ondernomen, maar op een gegeven moment verslapte de aandacht weer.’ 

Hoogleraar Cools constateert dat de zorg sindsdien weinig is opgeschoten met verminderen van de regeldruk. ‘Al die rapporten bleken papieren tijgers, ze hebben niet mogen baten. Sterker nog, we zakken steeds verder het moeras in.’ De registratiegekte is verspilling van kostbare tijd, middelen en mensen, zegt hij, en dat is extra relevant in de zorg gezien de grote personeelstekorten en alsmaar oplopende kosten.

Uit recent onderzoek van VWS blijkt dat zorgverleners tussen de 42% (ziekenhuiszorg) en 27% (wijkverpleging) van hun tijd kwijt zijn aan administratie. Dat zouden ze graag met een derde tot de helft willen verminderen. Volgens een berekening van Cools valt er zo’n €10 mrd te besparen als de administratieve lasten echt worden aangepakt. ‘En dat is nog aan de voorzichtige kant.' 

Snappen of schrappen

Het onderwerp heeft wel degelijk de aandacht van het ministerie. Sinds 2018 loopt het programma (Ont)Regel de zorg om het oerwoud aan regels aan te pakken. Zo rijdt een Ontregelbus door het land om bij zorginstellingen 'schrapsessies' op te zetten. Onder het motto 'snappen, schrappen of kappen' kijken zorgverleners dan of een regel zinvol is. Het lijkt nog wat vroeg om over het resultaat te oordelen. Uit de eerste voortgangsrapportage bleek dat er 'in een aantal gevallen' inderdaad een vermindering van de regeldruk was. Maar ook dat 'bij een groot aantal afgeronde actiepunten' er slechts 'een minimaal verschil' was.

De experts zijn kritisch. Cools: ‘Het Diakonessenhuis in Utrecht maakte vorig jaar bekend honderd kwaliteitsindicatoren te schrappen. Dat klinkt mooi, maar het bleken er uiteindelijk honderd van 3500 te zijn! De kaasschaafmethode werkt echt niet. We moeten vanaf nul, met een schone lei beginnen. Niet kijken wat we kunnen schrappen, maar wat we echt nodig hebben.' 

Ook Jet Bussemaker heeft bedenkingen. ‘(Ont)Regel de zorg is een goed initiatief, maar verschilt niet veel van de plannen uit mijn tijd. Soms werkte het even, maar nooit op de lange termijn. Daarvoor moet je echt een laag dieper gaan. Het vraagt een andere manier van werken en denken.'

Bussemaker is sinds een halfjaar voorzitter van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) die een advies uitbracht over verantwoording in de zorg. Dat moest fundamenteel anders: met meer vertrouwen in zorgverleners en vanuit hun perspectief gedacht. Dat vraagt ook iets van de samenleving, zegt Bussemaker. ‘Ik heb vaak genoeg in de Kamer gestaan waar men dan vanwege een incident om nieuwe regels vroeg. Het idee is dan: er gaat niks fout als je maar de regels volgt.'

Carte blanche

Dat het mogelijk is om vanaf nul te beginnen, bewijst het experiment 'Zinvolle Registratie' in drie ziekenhuizen. De ziekenhuizen vroegen (en kregen deels) carte blanche om te kijken wat nou écht zinvol was om te registreren en hoe ze dat het beste konden doen. 'Uiteindelijk heeft iedereen hetzelfde doel voor ogen: goede kwaliteit van de zorg', zegt senior onderzoeker Marieke Zegers. Zij leidde het experiment voor het Radboudumc in Nijmegen dat met de intensive care meedeed. 'Veel partijen willen dezelfde dingen weten, alleen vragen ze het vaak net op een andere manier. Ook zijn veel registraties niet goed onderbouwd.' 

De IC ging van ruim honderd naar zestien registraties. Zo worden in de dagelijkse zorg alleen nog de afwijkingen genoteerd: dus als een patiënt pijn heeft, niet als hij géén pijn heeft. Ook stopten ze met het registreren van de registratie, dus het vinkje of bijvoorbeeld een pijnregistratie wel was uitgevoerd. Makkelijk was het niet, zegt Zegers. 'Er was veel angst om de controle los te laten. Uiteindelijk gaf ook de inspectie ons de vrije hand. Dat vertrouwen was een belangrijke stap.' 

VWS noemt het experiment 'een mooi voorbeeld van een andere manier van werken'. Tegelijkertijd laat het zien dat dat niet van de ene op de andere dag geregeld is, zegt een woordvoerder. 'Het is ook een kwestie van samen stug volhouden.' Volgens hem zijn de schrapsessies een goede manier om te zien waar zorgverleners en patiënten in hun dagelijkse praktijk last van hebben. 'Zo kunnen zorginstellingen zélf met het onderwerp aan de slag gaan.'

Vertrouwen geven

Daar lijkt nog wel wat te winnen. Want ondanks het gemor over regels van zorgverzekeraars en de overheid, zijn in sommige delen van de zorg de instellingen zelf verantwoordelijk voor wel 60% van de regels, zegt hoogleraar Cools. 'Het een misvatting dat je met meten alles kunt weten. Want weet je wel wat je meet? Echte zorgkwaliteit is nauwelijks meetbaar. Geef mensen nou dat vertrouwen. En een beetje verspilling is helemaal niet erg, dat gaat ook niet om de miljarden die nu aan administratie en registratie worden besteed. De ziekenhuisexperimenten laten zien dat het kan.'

Jos de Beer, die zich twintig jaar geleden al over het probleem boog, is wat bevreesd om alle regelgeving overboord te gooien ('sympathiek idee, maar voor je het weet, praat je over stelselwijzigingen'). Hij pleit wel voor voortdurende aandacht voor het onderwerp. ‘We moeten ervoor waken dat we niet aan de achterkant aan het opruimen zijn en dat het er aan de voorkant weer net zo hard bijkomt.’

 

Bron: FInancieel Dagblad 22 januari 2020
https://fd.nl/economie-politiek/1331257/regels-in-de-zorg-een-veelkoppig-monster?utm_medium=social&utm_source=linkedin&utm_campaign=SHR_ARTT_20200122&utm_content=null
Deel dit bericht
Misschien vind je dit ook interessant?

Ervaring binnen het ziekenhuis als Freelance Verpleegkundig Specialist

Op het moment van schrijven van dit artikel gaat het niet goed met mijn opa (87 jaar). Enkele jaren geleden kreeg hij de diagnose hartfalen. Binnen een week tijd is hij enorm achteruitgegaan. Mijn opa ligt nu in het ziekenhuis te wachten op een plek in een hospice. Hij is de 7e wachtende in de rij, want er is geen plaats in de omgeving.

Ontwikkelingen rondom ZZP besproken - tijd voor duidelijkheid

Het blijft onrustig in de wereld van het inhuren van zzp’ers. Minister Koolmees wil zo snel mogelijk heldere zzp-regels stellen die per 1 januari 2021 zouden gaan gelden. Het inhuren van (schijn)zelfstandigen en de groei van het aantal zzp’ers vindt hij zorgelijk. Volgens hem ontstaat er ongelijke concurrentie met betrekking tot arbeidsbeloning en -voorwaarden ten opzichte van werknemers.

Als je onze site gebruikt, krijg je cookies van ons. Meer lezen over ons cookiebeleid.